Pagina Menu

SuperFetch, ReadyBoost en ReadyDrive
Microsoft heeft de officiële namen bekendgemaakt van een drietal processen die bedoeld zijn om de prestaties van Windows te verbeteren. Onder deze zogenaamde Windows PC Accelerators zijn Windows Superfetch, Windows ReadyBoost (codenaam EMD) en Windows ReadyDrive (codenaam Piton).

SuperFetch

superfetch_1.jpg

Deze service houdt bij wanneer en welke applicaties vaak gestart worden, zodat die programma's alvast in het geheugen van de computer kunnen worden geladen. Dit proces is daarbij zo 'intelligent' dat een applicatie alleen voorgeladen wordt op momenten dat het naar verwachting ook wordt gestart. Superfetch zorgt ervoor dat veelgebruikte programma-instructies in het werkgeheugen worden geplaatst, zodat ze sneller aangeroepen kunnen worden dan wanneer ze zich op de harde schijf bevinden.

Om te controleren hoeveel geheugen Superfetch gebruikt opent u het dialoogvenster Taakbeheer. Dit doet u door op de toetscombinatie Ctrl+Alt+Del te drukken. In het menu kiest u voor de optie Taakbeheer starten, Open het tabblad Prestaties.

letop.pngSuperFetch staat na installatie van Windows automatisch ingeschakeld. Mocht dat niet zo zijn, dan kunt u de functie op twee manieren aanzetten:

1

2

Zodra Superfetch is ingeschakeld, neemt Windows het grootste gedeelte van het interne geheugen in beslag. Het kan zijn dat er dan nog maar 20 MB over is. Dat is alleen maar gunstig want Windows gebruikt dan het voltallige geheugen, wat versies voor Windows Vista niet doen. SuperFetch zal enig tijd nodig hebben om alle programma's en de meest gebruikte programma's te analyseren.

SuperFetch zorgt er ook voor dat bijvoorbeeld een viruscan of defragmentatie het systeem niet trager maakt.

Meer details over het gebruik van het geheugen en de prestaties die hardwareonderdelen leveren, krijgt u door op de knop Broncontrole te klikken.

superfetch_2.jpg

Er zijn situaties te bedenken waarin het beter is deze service niet te gebruiken.

Bij het gebruik van een SSD heeft SuperFetch geen zin en is het beter die functie uit te schakelen. Dat gaat als volgt.

Dan gaan we nog even naar het register om de instelling handmatig uitzetten:

Readyboost werkt samen met de service SuperFetch.

ReadyBoost

Zodra er zich een situatie voordoet waarbij gebrek is aan het snelle RAM-geheugen, wordt een gedeelte van het gebruikte geheugen weggeschreven naar het virtuele geheugen (de pagefile). Dat relatief langzame virtuele geheugen op de harde schijf is niet echt bevorderlijk voor de systeemprestaties. Met de optie ReadyBoost kunt u gebruik maken van relatief snel toegankelijk flashgeheugen in de vorm van een SD-kaart, USB-stick, of Compact Flash-kaart (geheugenkaart van een digitale camera) om het systeem te versnellen. ReadyBoost werd geïntroduceerd in Windows Vista en daarna drastisch verbeterd in Windows 7. In Windows 8 kan ReadyBoost maximaal acht flashgeheugens tegelijk benutten met een totaal van 256 gigabyte.

Wanneer een computer gegevens van een harde schijf leest, moet eerst de lees/schrijf-kop van de harde schijf zich naar het gebied verplaatsen waarop de data staan. Dit zorgt ervoor dat een harde schijf een langere toegangstijd heeft dan een flash geheugen waarin geen lees-/schrijfkop zit. Dit flashgeheugen heeft echter wel een beperking in vergelijking met de harde schijf of normaal intern geheugen van een computer. De doorvoersnelheid per minuut van een harde schijf is vele malen hoger dan die van een flash-geheugen. Het flashgeheugen is dus alleen sneller wanneer het om kleine bestanden gaat.

letop.pngHet normale interne geheugen heeft ook een hoge doorvoersnelheid en net als flash geheugen een lage toegangstijd. De meeste prestatiewinst wordt dus geboekt door meer intern geheugen toe te voegen aan het systeem. Maar zeker bij systemen met weinig intern geheugen loont het de moeite om zonder de computer open te hoeven schroeven het goedkope flashgeheugen te gebruiken voor ReadyBoost.

ReadyBoost aanpassen

U kunt de instellingen van ReadyBoost opnieuw opvragen en aanpassen. Stop een SD-kaart, USB-stick of Compact Flash/kaart met minimaal een gigabyte vrije opslagcapaciteit in de computer. De computer herkent het nieuwe flashgeheugen en het menu Automatisch afspelen verschijnt. Klik daarin op De computer versnellen met Windows ReadyBoost. Als dit menu niet in beeld komt, klikt u in Computer met de rechtermuisknop op uw flashgeheugen, selecteert u Eigenschappen en opent u het tabblad ReadyBoost. Selecteer Dit apparaat exclusief voor ReadyBoost gebruiken. Omdat ReadyBoost dan alle vrije ruimte inpikt, is het niet meer mogelijk om nog extra bestanden in het geugend op te slaan. Als u nog een deel van de opslagcapaciteit wilt gebruiken voor uw eigen data, selecteert u de optie Dit apparaat gebruiken. Vervolgens stelt u in hoeveel megabyte ReadyBoost mag rserveren voor het versnellen van uw computer. Hierna klikt u op OK.

ReadyBoost in Vista

Plaats de usb-stick en open via uw startmenu Computer. Klik rechts op de usb-stick. Kies de optie Dit apparaat niet gebruiken om ReadyBoost juist te activeren. Via een schuifbalk kunt u de omvang die beschikbaar is voor ReadyBoost opgeven. In hetzelfde venster leest u hoeveel ruimte Windows Vista adviseert om te reserveren voor Ready Boost. Die ruimte wordt toegekend aan ReadyBoost en zal niet meer als opslagruimte beschikbaar zijn. Het is het beste om de ReadyBoost usb-stick altijd aangesloten te laten, het liefst uit het zicht aan de achterzijde. Dan kunt u de stick niet zo snel per ongeluk verwijderen. Indien u tijdens het werken de USB stick of geheugenkaart uit uw computer haalt, werkt die gewoon door maar zonder de prestatiewinst van ReadyBoost. Bespeurt u geen verbetering en presteert uw computer ook zonder ReadyBoost uitstekend? Claim dan uw toegekende ReadyBoost ruimte terug en maximaliseer de opslagcapaciteit van de usb-stick.

let op.jpg Het goedkopere flashgeheugen voldoet in veel gevallen niet.

Er zijn voor Windows Vista een aantal voorwaarden waaraan het geheugen dat voor ReadyBoost gebruikt kan worden, moet voldoen. Indien sprake is van een USB Stick moet deze USB 2.0 zijn. Verder moet het flashgeheugen minimaal 256 megabyte groot zijn en een minimale doorvoersnelheid bij lezen van 2.5 megabyte per seconde en bij schrijven 1.75 megabyte per seconde hebben. Het flashgeheugen moet als FAT32 of als NTFS zijn geformatteerd. De maximale grootte die ReadyBoost kan gebruiken is 4 gigabyte en er mag slechts één flashgeheugen gebruikt worden.

Voldoet het aangesloten flashgeheugen aan deze eisen, dan wordt na het aansluiten automatisch gevraagd of dit geheugen gebruikt moet worden voor het versnellen van de computer. Op het tabblad ReadyBoost van de eigenschappen van het betreffende flashgeheugen kunnen de instellingen worden gewijzigd. Het weggeschreven bestand (de pagefile) wordt versleuteld middels AES 128-bits encryptie zodat onbevoegden geen toegang kunnen krijgen (een extra beveiliging voor het geval het draagbare geheugen per ongeluk in de verkeerde handen belandt). Op een systeem met voldoende werkgeheugen zijn de voordelen overigens beperkt of zelfs niet eens merkbaar.

Bij systemen met voldoende intern geheugen en een flashgeheugen dat maar net aan de snelheid vereisten voldoet van ReadyBoost, kan ReadyBoost het systeem langzamer maken. Het gebruik van snel flashgeheugen is dus aan te raden. Er zijn ook flashgeheugens met een logo om aan te geven dat het geschikt is voor ReadyBoost.


ReadyDrive

Een variant op ReadyBoost is ReadyDrive waarbij de harde schijf zelf is voorzien van flashgeheugen. Gegevens worden tijdelijk in het flashgeheugen van de harde schijf opgeslagen waardoor het mogelijk is gegevens snel uit te lezen terwijl de harde schijf is uitgeschakeld. Dit heeft naast prestatiewinst als gunstige neveneffecten dat het energiebesparend werkt en de levensduur van de harde schijf verlengt. De relatief lage doorvoersnelheid van een USB2.0-aansluiting ten opzichte van die van een harde schijf maakt ReadyDrive een beter alternatief dan ReadyBoost. ReadyDrive is met name interessant voor laptops omdat hierbij het energieverbruik en de levensduur van de harde schijf een grotere rol spelen.


Defragmentatie

De bestandsindeling op een schijf verandert voortdurend. Bestanden worden groter of kleiner en er worden bestanden verwijderd, terwijl er andere bijkomen. Hierdoor kan een bestand soms niet in zijn geheel op de plek worden terug gezet waar het vandaan kwam. Het wordt dan gesplitst in een of meer clusters, die opgeslagen worden op plaatsen die op dat moment vrij zijn. In dat geval spreken we van bestandsfragmentatie. De leeskop van de schijf moet nu meer bewegingen maken om het bestand te lezen en dat kan de prestaties van de PC verminderen. Om die verspreid staande clusters weer samen te voegen tot aaneengesloten bestanden beschikt Windows over een defragmentatieprogramma.

De defragmentatie kan enkele minuten duren, maar ook enkele uren afhankelijk van de grootte en de mate van fragmentatie van de schijf. Tijdens het defragmentatieproces kunt u blijven werken met de computer. De defragmentatietool van Windows doet zijn werk net zo goed als of zelfs beter dan andere defragmentatie tools en dus hoeft u geen gebruik te maken van alternatieve tools. Gebruikt u die wel, deactiveer dan via de knop Schema instellen de optie Gepland uitvoeren (aanbevolen), dan voorkomt u dat de bestanden naar een nieuwe locatie worden verplaatst. Het defragmenteren van de harde schijf creëert weer wat orde in de chaos. De volgorde van de bestanden op de schijf wordt aangepast, zodat de meest gebruikte bestanden vooraan komen te staan. Dit alles met het doel: snelheidswinst.

Defragmentatie heeft een optimaal effect, als u vooraf een aantal dingen doet:

- Schijfopruiming
- Programma's verwijderen
- PC opschonen
- Schijfcontrole

Bij prefetching wordt voortdurend bekeken welke programma's het meest gebruikt worden. Door op basis hiervan bepaalde code vooraf in het geheugen te laden, worden die programma's sneller gestart. Bovendien wordt het opstartproces op deze manier gestroomlijnd.

Een onderdeel van prefetching is een automatische, gedeeltelijke defragmentatie, die regelmatig op de achtergrond plaats vindt. Bestanden die bij het opstarten nodig zijn en andere die vooraf in het geheugen moeten worden geladen, worden dan zodanig op de schijf gerangschikt, dat ze zo snel mogelijk worden uitgelezen. Dit alles zorgt ervoor dat u op een Windows syteem soms maanden achtereen kunt werken zonder veel last te hebben van fragmentatie.

Met Windows Vista introduceerde Microsoft volledig automatische defragmentatie en ook in Windows 7 en 8 wordt deze methode toegepast. Defragmentatie wordt volgens een schema uitgevoerd. Standaard is dit één keer per week. Bij frequent computergebruik kunt u dit schema ook dagelijks instellen.

defragemteren.png

Standaard wordt het defragmenteren van de harde schijf automatisch dagelijks op de achtergrond uitgevoerd. Omdat het defragmenteren een lagere prioriteit krijgt dan andere processen, is er normaal gesproken weinig van te merken.

Is de automatische defragmentatie uitgeschakeld dan is het ook mogelijk het defragmenteren handmatig te starten via het Startmenu, Alle Programma's, Bureau-accessoires, Systeemwerkset, onderdeel Schijfdefragmentatie. Klik in dit venster op de knop Schijf defragmenteren om de schijfdefragmentatie handmatig te starten. Er kan tevens worden gecontroleerd wat op dat moment de mate van fragmentatie van de verschillende partities is. Desgewenst kan per partitie het defragmentatieschema worden gewijzigd naar wekelijks of zelfs maandelijks.

letop.pngDe defragmentatietool van Windows doet zijn werk net zo goed als of zelfs beter dan andere programma's voor het defragmenteren van de (systeem)bestanden op een harde schijf. Er hoeft dus geen gebruik te worden gemaakt van alternatieve programma's. Gebruikt u toch een ander programma, deactiveer dan via de knop Schema instellen de optie Gepland uitvoeren (aanbevolen) zodat wordt voorkomen dat de bestanden dagelijks naar een nieuwe locatie worden verplaatst.

Defragmenteren in Windows 7

- Klik op het Windows Starten logo.
- Klik op Alle programma's.
- Klik op Bureau-accessoires.
- Klik op Systeemwerkset .
- Selecteer Schijfdefragmentatie.
- Klik eerst op Schijf analyseren om te zien of defragmenteren zinvol is.
- Klik op Schijf defragmenteren.

Het is ook mogelijk om Schijfdefragmentatie te openen via de Windows Verkenner

- Klik op het Windows Starten logo.
- Klik op Computer om de Windows Verkenner te openen.
- Selecteer de harde schijf bij Computer: Lokale schijf (C:\)
- Klik hierop met de rechtermuisknop.
- Klik op Eigenschappen.
- Klik op het tabblad Extra.
- Onder Defragmentatie klikt u op Nu defragmenten.
- Klik eerst op Schijf analyseren om te zien of defragmenteren zinvol is.
- Klik op Schijf defragmenteren.

De fragmenteren in Windows Vista

- Klik op het Windows Starten logo.
- Klik op Alle Programma's.
- Klik op Bureau-accessoires.
- Klik op Systeemwerkset.
- Selecteer Schijfdefragmentatie.
- Klik op Volumes selecteren om eventueel partities uit te sluiten (deze optie is beschikbaar na installatie van SP1).
- Klik op Nu defragmenteren, standaard worden alle partities gedefragmenteerd.

De fragmenteren in Windows XP

- Klik op Start.
- Klik op Alle programma's.
- Klik op Bureau-accessoires.
- Klik op Systeemwerkset.
- Klik op Schijfdefragmentatie.
- Klik op het volume dat je wilt analyseren.
- Klik op Analyseren.
- Klik op Rapport weergeven om de resultaten van de analyse te bekijken.

Als defragmentatie wordt aanbevolen:

- Klik op het volume dat u wilt defragmenteren.
- Klik op Defragmenteren.